Archief voor de categorie ‘Allerlei’

Lucifers in het ziekenhuis

Er liggen twee lucifers in het ziekenhuis. Vraagt de ene aan de ander: “Waarom lig jij hier?”. “Verbrande kop, en jij?”. “Gebroken poot”.

 

Opgelicht

Op de Dam staat een jochie kranten te verkopen. “Grote oplichtingsaffaire”, roept hij. “Vijftig slachtoffers”. Een voorbijganger koopt een krant, en bladert hem door. Hij kan niets vinden over een oplichtingsaffaire. Hoort hij het ventje roepen: “Grote oplichtingsaffaire, eenenvijftig slachtoffers”.

— Jean

 

Ui met traantjes

“Waarom huil je toch zo?”, vraagt de ene ui aan de andere. “Ze hebben me gesneden.”

— Jean

 

Nul

Mijn vriendin heeft in de loop van de tijd wel tien huwelijksadvertenties laten plaatsen,” zegt Truus, “maar het resultaat was nul.” “Maar ze heeft nu toch een man?” meent Trees. “Ja,” zegt Truus, “hij is die nul.”

 

Pater bij de vis

Een missionaris doopte eens een Indiaan en zei: “Nu heet je voortaan Fransico en niet meer Lichte Maan”. Hij vertelde nog meer dingen en ook dat hij op vrijdag geen vlees, maar vis moest eten. Weken later bezocht hij de man en deze zat net aan de maaltijd, het gebraden konijn was zojuist aan stukken gesneden. “Fransico, het is vrijdag vandaag, dan moet je vis eten…” “Pater, ik giet water op het konijn en ik zeg: nu heet je voortaan vis en niet meer konijn!”

— Douwe

 

Miljoenste klant

Mevrouw Jansen wordt bij het binnengaan van een groot warenhuis plotseling omringd door personeel, chefs, fotografen, enzovoorts. Onthutst kijkt ze naar de man die haar een grote bos bloemen aanbiedt en die zegt: “Gefeliciteerd, mevrouw, u bent onze miljoenste klant, ik heet u van harte welkom. U mag op de afdeling waar u zojuist naar toe wilde gaan voor 1.000 gulden aan artikelen uitzoeken”. Mevrouw Jansen wordt bleek en zegt: “Ik was op weg naar de afdeling Klachten!”

— Douwe

 

Hoe jodelen werd uitgevonden

Veel mensen denken dat de Oostenrijkers het jodelen zelf hebben bedacht. Maar dat kwam anders. In de tijd van de allereerste draagbare radio’s waren twee Chinezen in Oostenrijk op vakantie. Bij het oversteken van een gletsjer glijdt eentje uit en laat de radio die ze bij zich hebben uit zijn handen schieten. De radio glijdt een eind over het ijs naar beneden. Vraagt die ene Chinees aan die andere: “Hool du Ladio odel hool I Ladio?”

— Jean

 

Naast de pot

Een handelsreiziger klopt aan bij een groot huis om te vragen of hij daar misschien de nacht kan doorbrengen. Dat is geen probleem, hij moet dan wel in hetzelfde bed als het zoontje van de familie des huizes slapen. Eenmaal op de kamer ziet de man dat het jongetje naast zijn bed neerknielt. De man denkt: “Ik zal maar respect tonen, en hetzelfde doen. ” Dus gaat hij ook knielen, vouwt zijn handen en begint te bidden. Dan vraagt het jongetje: “Wat ben jij nu aan het doen?” “Hetzelfde als jij, natuurlijk”, zegt de man. Zegt het jongetje weer: “Dan zal mama wel boos worden, want de piespot staat aan deze kant!”

 

Warm bewijs

Een man neemt uit het vak bij de dierenvoeding twee blikken hondenvoer. Als hij wil afrekenen bij de kassa vraagt de cassière: “Heeft u eigenlijk wel een hond?”. “Ja natuurlijk heb ik een hond, waarom zou ik anders hondenvoer kopen?”. “Sorry hoor”, antwoord ze, “we hebben een nieuwe regel en u moet eerst bewijzen dat u een hond heeft”. Woedend over zoveel onzin smijt de klant de blikken op de grond en stampt de winkel uit. Twee dagen later neemt hij in dezelfde winkel een pak kattenvoer. Nu wordt hem gevraagd of hij wel een kat heeft, en of hij dat kan bewijzen. De man begint dit aardig beu te worden en smijt boos het kattenvoer door de winkel en vertrekt. De andere dag komt hij terug met een bruine papieren zak in zijn hand en loopt direct door naar de cassière. “Zou u even in deze zak kunnen voelen”, vraagt hij haar. Als de cassière voelt zegt ze: “Het is zacht en warm”. “Klopt”, zegt de man, “mag ik nu een pak wc-papier?”.